Meta-analyse: alcoholconsumptie als risicofactor voor atriumfibrilleren

Bij lichte alcoholconsumptie (tot 6-7 glazen per week) is er geen verhoogd risico op de hartritmestoornis atriumfibrilleren. Bij mannen lijkt het risico toe te nemen bij matige consumptie (1-2 glazen per dag). Bij vrouwen vanaf hoge consumptie (verschillend gedefinieerd). Dit blijkt uit een systematische review en meta-analyse, gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift International Journal of Cardiology.

Wat is er al bekend?
Regelmatige overmatige alcoholconsumptie is geassocieerd met een hoger risico op de ontwikkeling van hartritmestoornis atriumfibrilleren. De sterkte van deze associatie varieert van studie tot studie.

Wat voegt deze studie toe?
Deze systematische review en meta-analyse kijkt naar de associatie tussen regelmatige alcoholconsumptie en de incidentie van atriumfibrilleren bij verschillende categorieën van alcoholconsumptie.

Verschillen tussen mannen en vrouwen
Negen studies met in totaal bijna 250.000 deelnemers zijn meegenomen in deze systematische review en meta-analyse1. De studies hanteerden verschillende definities van lichte, matige en hoge alcoholconsumptie. Uit de resultaten blijkt dat bij vrouwen hoge alcoholconsumptie (verschillend gedefinieerd) geassocieerd is met een verhoogd risico op atriumfibrilleren. Bij mannen is deze associatie er al bij matige alcoholconsumptie (regelmatig 1-2 glazen per dag). Er is geen associatie gevonden tussen regelmatige lichte alcoholconsumptie (tot 6-7 glazen per week) en de incidentie van atriumfibrilleren. Het kan zijn dat het verschil tussen mannen en vrouwen ontstaat door de verschillen tussen de definities van categorieën van alcoholconsumptie. De vrouwen in de categorie hoge alcoholconsumptie dronken minder dan de mannen in deze categorie. Daarnaast zaten er minder vrouwen in deze categorie. Meer onderzoek is nodig om te achterhalen vanaf welke hoeveelheid het risico op atriumfibrilleren verhoogd is.

Atriumfibrilleren
Atriumfibrilleren is een hartritmestoornis waarbij het ritme onregelmatig en meestal versneld is. Na extrasystolie (extra hartslagen) is atriumfibrilleren de meest voorkomende hartritmestoornis. Atriumfibrilleren kan – met of zonder klachten – leiden tot ernstige complicaties, in het bijzonder tot een ischemisch CVA (beroerte). Ruim de helft van de patiënten met atriumfibrilleren is ouder dan 75 jaar.2

Mechanismen
De onderzoekers hebben niet onderzocht via welke mechanismen alcohol invloed zou hebben op de ontwikkeling van atriumfibrilleren. Wel worden andere hartrimestoornissen en onderdelen van het zenuwstelsel benoemd als mogelijke mechanismen. Bekende onafhankelijke risicofactoren voor atriumfibrilleren zijn gewichtstoename en hypertensie, maar het blijft onduidelijk of de associatie tussen regelmatige alcoholconsumptie en de incidentie van atriumfibrilleren nog door meer factoren beïnvloed wordt.

Alcoholconsumptie in mensen met atriumfibrilleren
Er is vooralsnog weinig bekend over de prognose bij mensen met atriumfibrilleren in relatie tot regelmatige alcoholconsumptie. Volgens recent observationeel onderzoek bij patiënten met atriumfibrilleren zou het verminderen van de alcoholconsumptie naar <30 g per week (<3 standaardglazen per week) mogelijk bijdragen aan verminderde lasten en de instandhouding van het normale hartritme.3,4 Daarnaast is uit eerder onderzoek gebleken dat mensen die atriumfibrilleren hebben, beter geen alcohol kunnen drinken.5

Sterke punten van deze studie

  • Acht van de negen meegenomen studies zijn uitgevoerd in de VS en/of in verschillende Europese landen. Een van de studies nam ook Aziatische landen mee in de populatie en de andere studie is uitgevoerd in Japan.
  • Er is geen bewijs van zogenaamde ‘publication bias’ (het feit dat negatieve of tegenstrijdige resultaten minder snel gepubliceerd zouden worden).

 

 

Zwakke punten van deze studie

  • De meegenomen studies variëren in opzet en definities van alcoholcategorieën, waardoor niet te bepalen is bij welk aantal glazen per week men precies risico loopt op atriumfibrilleren. De definitie van één standaardglas varieert van 10 tot 12 g alcohol.
  • De meegenomen studies bieden weinig inzicht in drinkpatronen. Zo wordt er geen onderscheid gemaakt tussen verspreid drinken over de week en binge-drinken.
  • De impact van voormalig drinken en de verschillen tussen type alcohol zijn beiden niet meegenomen in dit onderzoek.

Referenties:

1. Gallagher, C., Hendriks, J.M.L., Elliott, A.D., Wong, C.X., Rangnekar, G., Middeldorp, M.E., Mahajan, R., Lau, D.H., Sanders, P. (2017). Alcohol and incident atrial fibrillation – A systematic reveiw and meta-analysis. International Journal of Cardiology, 246, 46-52.

2. Nederlands Huisartsen Genootschap (2017). NHG-Standaard Atriumfibrilleren. Geraadpleegd van https://www.nhg.org/standaarden/volledig/nhg-standaard-atriumfibrilleren-tweede-partiele-herziening#idp28384

3. Pathak, R.K., Middeldorp, M.E., Lau. D.H., Mehta, A.B., Mahajan, R., Twomey, D.,  Alasady, M., Hanley, L., Antic, N.A., McEvoy, R.D., Kalman, J.M., Abhayaratna, W.P., Sanders, P. (2014). Aggressive Risk Factor Reduction Study for Atrial Fibrillation and Implications for the Outcome of Ablation: The ARREST-AF Cohort Study. Journal of the American College of Cardiology, 64(21), 2222-2231.

4. Pathak, R.K., Middeldorp, M.E., Meredith, M., Mehta, A.B., Mahajan, R., Wong, C.X., Twomey, D., Elliott, A.D., Kalman, J.M., Abhayaratna, W.P., Lau, D.H., Sanders, P. (2015). Long-Term Effect of Goal-Directed Weight Management in an Atrial Fibrillation Cohort: A Long-Term Follow-Up Study (LEGACY). Journal of the American College of Cardiology, 65(20), 2159-2169.

5. Voskoboinik, A., Prabhu, S., Ling, L., Kalman, J.M., Kistler, P.M. (2016). Alcohol and Atrial Fibrillation: A Sobering Review, Journal of the American College of Cardiology, 68(23), 2567–2576